• GENOMINEERDEN 2017 // Hanan Al Hroub

  • GENOMINEERDEN 2017 // The Syrian Civil Defence – The White Helmets

  • GENOMINEERDEN 2017 // Victor Ochen

  • GENOMINEERDEN 2017 // Dr. Paikiasothy Saravanamuttu (Sara)

  • GENOMINEERDEN 2017 // Dr. Khadija

Hanan Al Hroub

Israël en de Palestijnen.
In de 19e eeuw ontstond onder de Europese joden het zionisme, een beweging om terug te keren naar het oude Israël. Dat gebied stond toen onder Turks gezag en werd Palestina genoemd. Turkije behoorde na de Eerste Wereldoorlog tot de verliezers. Palestina werd door de volkerenbond als mandaat gebied aan Groot-Brittannië toevertrouwd. Onder invloed van het zionisme groeide het aantal joden in Palestina geleidelijk, maar tijdens en vooral na de Tweede Wereldoorlog was de toestroom massaal. De Joden eisten een aparte staat.
In 1948 beëindigden de Verenigde Naties als opvolgers van de Volkerenbond het mandaat van de Britten. Palestina werd opgedeeld in een Joods en Palestijns gebied. Israël werd als onafhankelijke Joodse staat erkend. De omringende Arabische landen vielen Israël gezamenlijk aan, maar ze werden verdreven en na de oorlog van 1948 had Israël een groter gebied dan eerst toegekend werd. Tijdens die oorlog vluchtten 700.000 Palestijnen uit hun land.
In 1964 richtten de Palestijnen o.l.v. Yasser Arafat de PLO (Palestinian Liberation Organisation) op om de Palestijnse gebieden terug te veroveren. Daarvoor pleegden ze aanslagen in Israël, maar ook elders waar ze Israël konden treffen. Zo zouden ze in 1972 een dodelijke aanslag plegen op de Israëlische atleten tijden de Olympische Spelen in München.
Tijdens de zesdaagse oorlog in 1967 bezette Israël de Sinaï (Egyptisch gebied), de Gazastrook en de westelijke Jordaanoever (Palestijnsgebied) en de Golanhoogte (Syrisch gebied). Later zou Egypte de Sinaï terugkrijgen. 
In 1982 richtte Israël een bloedbad aan in Palestijnse kampen in Libanon omdat van daaruit aanlagen op Israël gepleegd werden.   
Geleidelijk aan evolueerde de PLO naar een meer politieke en diplomatieke beweging die zich wilde toeleggen op het bestuur van de Palestijnse gebieden en in de praktijk zocht naar een modus vivendi met Israël. Als reactie daarop werd in 1987 het radicale Hamas opgericht dat zich beriep op de Islam, terwijl de PLO ook openstond voor Palestijnse christenen. Tussendoor hadden de Israëli’s nederzettingen gesticht op de Westelijke Jordaanoever in of rond Palestijnse dorpen en steden. De spanningen leidden in 1987 tot de eerste Intifada, een aanvankelijk ongewapende opstand van de Palestijnen. Het kwam tot onderhandelingen en in 1993 erkenden de PLO en Israël elkaar wederzijds. Dat hield maar stand tot het volgend conflict omdat Israël doorging nederzettingen te bouwen op Palestijnse grond en de Palestijnse gebieden zelfs met een muur van Israël afsloot, en omdat de radicale Hamas vooral in de Gazastrook van geen compromis wilde weten. De tweede Intifada (2000-2005) was gewelddadiger dan de eerste. De Palestijnen raakten verdeeld: de Westelijke Jordaanoever werd bestuurd door de PLO, de Gazastrook was het gebied van Hamas. Vanuit de Gazastrook werd Israël met raketten bestookt, wat leidde tot Israëlische aanvallen in 2008-2009, 2012 en 2014.
Het conflict lijkt uitzichtloos, maar toch zijn er tekenen van hoop. Al heel lang is er in Israël een beweging die vrede wil. Er zijn organisaties waarin Israëli’s en Palestijnen samenwerken. De regering van de Verenigde Staten, die vroeger Israël zonder meer steunde, uit kritiek op het optreden van Israël in de Palestijnse gebieden. En waar vroeger de joodse kolonisten in de Palestijnse gebieden zich alles konden permitteren wil de Israëlische regering nu streng optreden tegen joodse fundamentalisten die een Palestijns kind gedood hebben.   

Hanan Al Hroub

hanan headshot small

Hanan Al Hroub groeide op in het Palestijnse vluchtelingenkamp Dheisheh, gelegen aan de rand van Bethlehem in de bezette Westelijke Jordaanoever. Het opgroeien in een vluchtelingenkamp heeft een heel grote impact gehad op het verdere verloop van haar leven en heeft haar mede doen beslissen om leerkracht te worden. “Het heeft me een doorzettingsvermogen en veerkracht gegeven die ik nodig had om zelf uitdagingen aan te gaan. Als kind opgroeien in een vluchtelingenkamp is totaal iets anders dan je jeugdjaren elders te kunnen doorbrengen. Kinderen die elders opgroeien kunnen genieten van de kindertijd, voor Palestijnse kinderen is dat anders. De spelletjes die wij speelden waren heel erg beïnvloed door wat er rondom ons gebeurde. Als kind in een vluchtelingenkamp werd je van kindsbeen af heel erg geïnformeerd over politiek en over wat er om je heen gebeurt.

Het vluchtelingenkamp Dheisheh werd opgericht in 1949 (na de oprichting van de staat Israël in 1949 gingen heel wat Palestijnen op de vlucht voor het geweld. Velen van hen kwamen in kampen voor Inheemse vluchtelingen terecht zoals het Dheisheh Kamp, opgericht door UNRWA (The United Nations Relief and Works Agency for Palestine Refugees). Het vluchtelingenkamp is gelegen aan de belangrijkste weg van Bethlehem (West Bank). Oorspronkelijk was het de bedoeling om er 3000 vluchtelingen op te vangen maar vandaag huisvest het kamp 15000 mensen. De Israëlische Veiligheidstroepen hebben het kamp tijdens de eerste Intifada (1987 – 1993) volledig omheind, met uitzondering van een draaihek dat als ingang fungeerde. Zo werd het kamp geïsoleerd van de hoofdweg tussen Bethlehem en Hebron. De omheining is inmiddels verdwenen. Tijdens de tweede Intifada (2000 – 2005) voerden de Israëlische strijdkrachten invallen uit in het kamp. Ze vielen huizen binnen, voerden arrestaties uit en zetten het kamp lange tijd onder avondklok. Tijdens de eerste en tweede Intifada werden heel wat oudere mannelijke bewoners van Dheisheh gearresteerd. Ondanks het feit dat het kamp in een zone ligt die volledig onder Palestijnse controle ligt, vallen de Israëlische Veiligheidstroepen regelmatig binnen en voeren zij arrestaties uit.

hanan tekst

In dit kamp en onder deze omstandigheden – ze was zelf regelmatig getuige van geweld - groeit Hanan Al Hroub op. Terugblikkend op haar eigen kindertijd spreekt ze graag over haar herinneringen aan de door de INRWA ingerichte basisschool voor meisjes: "Ik zal nooit de kwaliteit van mijn opleiding daar of mijn leraren vergeten. UNRWA leraren zijn zeer beslagen in hun vak. De kwaliteit van het onderwijs dat ze gaven was heel erg goed en ze waren een bron van inspiratie voor de leerlingen. Mijn school was totaal verschillend van andere scholen op dat moment. We hadden heel veel spellen op school en de meisjes van mijn school namen deel aan de sportwedstrijden die in onze buurt plaatsvonden. Er vonden heel wat activiteiten plaats die ons stimuleerden om na te denken, die mentaal uitdaagden.” Maar de bibliotheek van haar school lijkt de diepste indruk op Hanan te hebben gemaakt. “Ik herinner me nog heel levendig de bibliotheek. Wat een voorraad aan boeken. Geen enkele andere school had een bib zoals die van ons.

Wanneer Hanan Al Hroub aan het eerste jaar van de Open Al Quds universiteit studeert (2000), werd haar man Omar door de Israëlische Veiligheidsdiensten beschoten voor de ogen van hun eigen kinderen. Hij raakte hierbij gewond. Hanan en haar kinderen waren geschokt door wat er gebeurd was. Ze voelde al snel aan dat deze gebeurtenis een grote impact had op het gedrag van haar kinderen. Ze leden onder wat er was gebeurd en zonderden zich af. Ze hadden helemaal geen zelfvertrouwen meer en waren een tijdlang bang om naar school te gaan.

Hanan is er van overtuigd dat de school niet in staat was om de psychosociale begeleiding aan te bieden die haar kinderen nodig hadden na de traumatische ervaring die ze beleefden met de aanval op hun vader. Bovendien hadden de gebeurtenissen een grote invloed op het gedrag en de prestatie van de kinderen op school. Deze omstandigheden inspireerden Hanan om zelf onderwijs te studeren. Ze wou niet alleen haar eigen kinderen maar ook andere kinderen helpen die blootgesteld waren aan geweld, en dus kampten met de psychosociale problemen en trauma’s die vaak volgen op dit soort gebeurtenissen.

Als kind heb ik vaak geweld gezien en meegemaakt, vandaag worden mijn leerlingen en kinderen ook nog steeds geconfronteerd met geweld. En uiteraard heeft dit een grote invloed op hun gedrag. Als kinderen die lijden aan geweld niet de juiste hulp en begeleiding krijgen dan zullen we hen verliezen.

Ik wil de gemeenschap helpen door deze kinderen die verloren lijken en geen waarde hebben opnieuw een plek te geven in de maatschappij, ik wil hen helpen om gewaardeerd te worden. De kinderen zien dagelijks geweld, en dit beïnvloedt hun houding tegenover andere mensen. Soms worden ze zelf gewelddadig. Het is actie en reactie. Ik wil dit stoppen. Ik ben ervan overtuigd dat leerkrachten fundamenteel zijn voor de toekomstige uitbouw van een samenleving. Wij zijn degenen die de volgende generatie opvoeden, en hoe wij hen opvoeden zal weerspiegeld worden in de toekomstige samenleving."

Hanan is er dan ook van overtuigd dat onderwijs een belangrijke rol kan spelen in het counteren van de negatieve impact die het geweld, waaraan de Palestijnse kinderen worden blootgesteld, teweegbrengt.

Met heel veel kinderen die geweld ervaren hebben, hangt er vaak heel wat spanning in Palestijnse klaslokalen. Om hier tegen in te gaan gebruikt Hanan het credo 'Nee tegen geweld' en maakt ze gebruik van een specifieke aanpak die ze zelf ontwikkelde: 'We spelen en leren'. Hierbij legt ze de focus op het creëren van wederzijds vertrouwen, bouwt ze aan een respectvolle, eerlijke en liefdevolle relatie met haar leerlingen, en benadrukt ze het belang van te kunnen lezen en schrijven. Ze moedigt haar leerlingen aan om samen te werken, en besteedt veel aandacht aan de individuele behoeften. Ten slotte beloont ze positief gedrag.

Met ‘We spelen en leren’ integreert Hanan educatieve spelletjes in de klas, vaak gebruik makend van heel simpele materialen. Ze benadrukt ook dat de klas een veilige plek moet zijn voor de kinderen, waar ze kunnen leren in een rustige, vrolijke en comfortabele omgeving.

Door het spelen van deze spelletjes met haar leerlingen, probeert Hanan het effect van de confrontatie met geweld bij de kinderen te verkleinen. Vooral bij degenen die zelf gewelddadig gedrag vertonen. Ze werkt dan ook heel intensief aan gedragsverandering bij deze kinderen. Enkele belangrijke pijlers in haar begeleiding zijn vertrouwen hebben, dialoog gaan met elkaar en wederzijds respect hebben.

Om hieraan te werken wordt de klas vaak in groepjes onderverdeeld die met elkaar wedijveren. Dit zorgt ervoor dat het kind niet langer in termen van individuen gaat denken maar vanuit de hele groep, het team, want het gaat niet om het individu dat het spel wil winnen, maar de groep. Op deze manier leren de kinderen rekening houden met de anderen. Het gaat dus niet langer om “ik” maar om “wij”. Als wij winnen, dan wint het hele team, als wij verliezen, dan verliezen wij ook als team.

Ik probeer de kinderen stap voor stap te helpen door hen te betrekken bij de groep en ervoor te zorgen dat iedereen in de groep aanvaard wordt. Van bij het begin probeer ik de leerlingen duidelijk te maken dat wij een groep zijn, een familie. Ik zorg er in eerste instantie voor dat ze mij vertrouwen, want het vertrouwen in de leerkracht is volgens mij van essentieel belang. Het mag leuk zijn in de klas omdat dit uitnodigend werkt voor kinderen, kinderen mogen rondlopen, het hoeft en mag niet saai of beperkend zijn, er moet interactie zijn, kinderen moeten op elkaar kunnen reageren. Tot slot werk ik met een beloningsysteem. Naarmate kinderen een bepaald niveau halen worden zijn beloond. Zo wil ik hen blijven uitdagen om steeds beter te worden. Daarom is het belangrijk dat de lessen en de spellen afgestemd worden op de individuele noden, vaardigheden en mogelijkheden van haar leerlingen. Het is uitermate belangrijk dat kinderen op deze manier leren dat ze allen een rol te spelen hebben in de maatschappij van morgen.

Haar aanpak heeft inmiddels geleid tot een daling van gewelddadig gedrag in scholen waar haar manier van werken wordt toegepast. Ze heeft haar collega’s aan het denken gezet over de manier waarop ze zelf lesgeven en voor of in de klas staan, de manier waarop de klas georganiseerd wordt en het belonings- en strafsysteem dat ze hanteren.
Hanan heeft haar inzichten inmiddels veel ruimer gedeeld met collega’s, in conferenties bijvoorbeeld. Ze gelooft dat onderwijs een heel belangrijke rol kan spelen in het werken aan de geweldloze maatschappij van morgen.

Voor haar manier van lesgeven werd Hanan Al Hroub in maart 2016 door de Varkey Foundation bekroond met de Global Teacher Prize.

Ontmoet Hanan hier: https://www.youtube.com/watch?v=02Z1NpMB2r4

andere interessante links

https://www.hrw.org/world-report/2016/country-chapters/israel/palestine 

http://www.thehindu.com/features/metroplus/society/hanan-alhroub-winner-of-global-teacher-prize-2016-on-teaching-in-the-time-of-conflict/article8519660.ece